Dit is een website van Stimular

Kenniscentrum Duurzaam MKB

Duurzaam Ondernemen loont!

Gebruik restwarmte blancheur

Dit is een (erkende) maatregel uit het Activiteitenbesluit voor branche: Voedingsindustrie - overig, Voedingsindustrie - brood en banket, Voedingsindustrie - zoetwaren

Beschrijving

Bij het blancheren van levensmiddelen wordt continue water ververst. Bij het toevoeren van warm suppletiewater aan de blancheur loopt warm water in de blancheur over: het overloopwater.

Plaats om energie te besparen een warmtewisselaar in de leiding van het overloopwater (van meerdere blancheurs). Het verse suppletiewater voor de blancheurs wordt dan eerst door de warmtewisselaar geleid. In de warmtewisselaar geeft het warme overloopwater warmte af aan het verse koude suppletiewater. Het voorverwarmde suppletiewater is na te verwarmen met stoom door de verwarmingsinstallatie. Zo is restwarmte uit het blancheerproces nuttig in te zetten met nog maar een beperkte inzet van stoom.

Toepasbaarheid

Deze maatregel is toepasbaar als het suppletiewater van de blancheurs met stoom wordt opgewarmd (tot 80°C) en er meerdere blancheurs op één warmtewisselaar kunnen worden aangesloten.

Milieuaspecten

Deze maatregel bespaart het energieverbruik (meestal aardgas) van de verwarmingsinstallatie.

Financiële aspecten

De maatregel verdient zich vaak binnen 5 jaar terug. Vraag een offerte aan.

Aanvullende informatie

Warmtewisselaars zijn in verschillende varianten beschikbaar maar een veel toegepaste is de platenwarmtewisselaar. Een platenwarmtewisselaar is te herkennen aan twee dikkere platen waar tussen meerdere kleine platen van roestvrijstaal zijn opgesloten. Veelal zijn de platen aan elkaar gelast of zorgen trekstangen voor de opsluiting van de platen. De platen zijn voorzien van ribbels en ontstaan of parallelle kanalen of kanalen die kruisen. Het suppletiewater en het overloopwater kunnen niet met elkaar in aanraking komen. De metalen platen geleiden de warmte van de ene naar het andere medium.

Erkende maatregel voor energiebesparing

Het Activiteitenbesluit schrijft voor dat bedrijven en organisaties die aan bepaalde voorwaarden voldoen verplicht zijn rendabele energiebesparende maatregelen te nemen. Deze maatregel is voor een of meerdere branches rendabel ofwel erkend. Een maatregel is erkend op een zelfstandig moment (zo snel mogelijk) of op een natuurlijk moment (bij vervanging/renovatie) en soms afhankelijk van de situatie. Lees meer in de tip Voldoe aan (erkende) maatregelen uit Activiteitenbesluit. Op de website van Infomil staat per branche een overzicht van de erkende maatregelen met daarbij de technische en economische randvoorwaarden.

Energiezuinige technieken moeten goed beheerd worden om te besparen wat mogelijk is. Daarom heeft de overheid voor alle erkende energiemaatregelen aangegeven welk doelmatig beheer en onderhoud (DBO) nodig is. Beoordeel jaarlijks of de techniek nog goed functioneert. Lees meer in de tip Jaarlijks doelmatig beheer en onderhoud van erkende (energie)maatregelen.

Voor installaties in de voedingsmiddelenindustrie zijn de DBO-maatregelen:

  • Controleren op en voorkomen van waterlekkages.
  • Verminderen gebruik suppletiewater bij de blancheurs.
  • Verminderen gebruik van water bij de ijswaterkoelers.
  • Controleren op en beperken van verdampingsverliezen.
  • Voorkomen mors- en opgietverliezen bij het vullen van conserven.
  • Periodiek controleren en schoonmaken van de warmtewisselaars. Zie tip Reinig warmtewisselaar van koelinstallatie en luchtbehandelingssysteem.

Bronnen: Stichting Stimular, Infomil: kennisbank Energiebesparing en Winst

Geen reacties gevonden
Voeg uw reactie toe

Informatie van leveranciers wordt alleen geplaatst indien voorzien van minstens 1 referentie van toepassing bij een bedrijf.

  • Let op: Website URL zonder "http://" ervoor wordt niet geaccepteerd.

* Uw e-mail en telefoonnummer worden niet getoond op de website.