Dit is een website van Stimular

Kenniscentrum Duurzaam MKB

Duurzaam Ondernemen loont!

Kleine windmolen

Beschrijving

Kleine windturbines zijn turbines met een tiphoogte tot maximaal 15 meter en een relatief klein vermogen. Er zijn meerdere types op de markt. U plaatst deze op of bij uw bedrijfsgebouw. Kleine windturbines maken duidelijk zichtbaar dat u aan duurzame energie werkt.

Er zijn twee typen kleine windmolens, windmolens met een horizontale as en windmolens met een verticale as. Windmolens met een horizontale as zijn een kleine variant op de conventionele windturbine. Windturbines met een verticale as zijn er in twee types: Savonius en Darrieus. De Savonius-typen werken met bolvormige rotorbladen. Deze hebben een geringe draaisnelheid en produceren weinig geluid, maar hebben ook een laag rendement. De Darrieus-typen, hebben een hogere draaisnelheid en daarmee een hoger rendement. Hierdoor produceren ze wel meer geluid.

Voor een windturbine op het dak, is een verticale as de beste optie. In de bebouwde kom wisselen de windrichting en de windsterkte vaak. Een windturbine met een horizontale as moet met deze windrichting meedraaien. Een windturbine met een verticale as wekt bij iedere windrichting en windsnelheid tussen de 3 en de 45 m/s stroom op. Verder geldt, hoe groter de oppervlakte van de turbinebladen, des te groter de opbrengst.

De belangrijkste voordelen van een kleine windturbine zijn:

  • Er komt geen CO2 vrij bij de energieopwekking.
  • Lange levensduur (circa 20 jaar).
  • Lage onderhoudskosten (alleen visuele controle en eventueel smeren)
  • Duidelijk zichtbaar dat bedrijf met duurzame energie werkt.

Als nadelen worden vaak genoemd:

  • Opbrengst (in kWh) vaak laag, opbrengst verschilt erg per type en locatie.
  • Hoge aanschafkosten, wat resulteert in een lange terugverdientijd.
  • Levensduur (15 jaar) vaak korter dan terugverdientijd.
  • Voor de productie van windmolens zijn staal en aluminium nodig. De productie daarvan is een kostbaar, vervuilend en energievretend proces.

Toepasbaarheid

Of uw bedrijf een kleine windmolen mag plaatsen hangt af van de locatie: in sommige gemeenten mag het wel, in andere niet. Informeer tevoren wat er wel en niet mag. Vaak is een bouwvergunning en een milieuvergunning nodig en staat een gemeente windmolens met een hoogte tot 10 meter toe.

Het is van belang dat de turbine zich boven de turbulente laag bevindt. Zorg daarom dat:

  • De windturbine het hoogste punt is in een omtrek van minimaal 100 meter
  • Er geen grote obstakels aan de zuidwest tot noordwest kant staan op grotere afstand

De beste locaties voor een windturbine zijn:

  • In stedelijk gebied: op het dak van een (hoog) gebouw, (bij voorkeur) hoger dan 20 meter
  • In het open veld: op of naast een pand, bijvoorbeeld van een agrarisch bedrijf

Milieuaspecten

U wekt zelf duurzame elektriciteit op. Hiermee voorkomt u emissies, zoals broeikasgassen en fijnstof, dat uitgestoten wordt bij elektriciteitsopwekking met fossiele brandstoffen.

Financiële aspecten

Volgens de eerste testresultaten van het kleine windmolen testpark in het Zeeuwse Schoondijke hebben kleine windmolens zonder subsidie een terugverdientijd van meer dan 20 jaar bij een terugleververgoeding van € 0,22 per kWh. Opbrengstinschattingen van leveranciers en praktijkvoorbeelden op andere locaties schatten de terugverdientijd korter in.

Het is nog onduidelijk hoeveel elektriciteit verschillende windmolens produceren in de stedelijke omgeving. Er komt een certificeringssysteem dat de bewezen prestaties moet weergeven. Windmolenbouwers kunnen dan zelf een label aan hun molen hangen volgens de afgesproken regels. De Nederlandse Beoordelingsrichtlijn Kleine Windturbines van de Nederlandse Wind Energie Associatie (NWEA) is hier een eerste aanzet voor. Vraag uw leverancier de opbrengsten volgens deze richtlijn te presenteren. Naast deze richtlijn komt er een landelijke database waarin de opbrengsten van de windmolens in de gebouwde omgeving bijgehouden worden.

De opbrengst is erg afhankelijk van de locatie, het type windmolens en de gemiddelde windsnelheid. In de toekomst worden door meer onderzoek en productie op grotere schaal de kosten waarschijnlijk lager en de opbrengsten hoger.

Deze maatregel komt sinds 2014 niet meer in aanmerking voor Energie Investerings Aftrek (EIA). Wel voor de subsidie Stimulering Duurzame Energie (SDE+). SDE+ vergoedt het verschil tussen de kostprijs van de duurzame energie en de kostprijs van grijze stroom. Het subsidiebedrag wordt jaarlijks aangepast. De subsidie heeft een looptijd van meerdere jaren. Bedrijven en non-profit instellingen komen in aanmerking. Zie voor meer informatie www.RVO.nl/sde. Sinds 2015 is er voor windenergie op land winddifferentiatie op basis van de windsnelheid per gemeente.

aanvullende informatie

  • Windvogel
  • AgentschapNL, tests 11 types windturbines te Schoondijke in Zeeland

Bron: Windvogel, AgentschapNL, Stichting Stimular

Naam: Datum: 31 augustus 2015 Ander gebruik van windmolens bij Sauer Polymer

Bruno Sauer, de grootste aandeelhouder van het Duitse Sauer Polymer Technology is een pionier op het gebied van energie efficiency. Al in 2002 bouwde hij een van de eerste fabrieken zonder centrale verwarming. De warmte die bij de productie van plastic vrijkomt, is meer dan voldoende voor het verwarmen van de productiehal. Om ook de overgebleven warmte niet te verspillen, besloot Sauer nog een stap verder te gaan en hiermee elektriciteit te genereren. Samen met Colt werd een ingenieuze oplossing ontwikkeld: de Chimney Dynamo (schoorsteendynamo).

De schoorsteendynamo is bij Sauer Polymer geïnstalleerd in een hoogbouwmagazijn. De ventilatieopeningen in het lage gedeelte van de schoorsteen zorgen in de zomer voor voldoende luchtcirculatie. Warmtewisselaars die boven de luchttoevoer zijn geplaatst, koelen de hete lucht uit de productieruimte. Buitenlucht wordt in het koelwatercircuit verwarmd en stijgt op in de schoorsteen. Boven in de schoorsteen zijn windturbines geplaatst die door de opstijgende lucht worden aangedreven en elektriciteit produceren. In de winter wordt een deel van de warmte-energie teruggewonnen en gebruikt om de productiehal te verwarmen.

De energiebesparing bij Sauer Polymer is zo hoog dat het systeem zich binnen 2,3 jaar terugbetaalt. Waar de afwezigheid van centrale verwarming de fabriek al 100.000 euro per jaar bespaarde, zorgt de schoorsteendynamo ook nog eens voor een besparing van 67.000 euro per jaar door gebruik te maken van adiabatische koeling. Daar bovenop komt een jaarlijkse besparing (tussen de 60.000 en 230.000 euro) dankzij de elektriciteit die de dynamo opwekt.Zo maakt de schoorsteendynamo een einde aan de verspilling. Van restwarmte, energie en euro’s!

Bron: Colt
Voeg uw reactie toe

Informatie van leveranciers wordt alleen geplaatst indien voorzien van minstens 1 referentie van toepassing bij een bedrijf.

  • Let op: Website URL zonder "http://" ervoor wordt niet geaccepteerd.

* Uw e-mail en telefoonnummer worden niet getoond op de website.